De corrigerende tik

Wie is er niet mee groot geworden? Deze vraag is niet bedoeld als opening om al je jeugdtrauma’s op tafel te leggen. Maar terugkijkend op mijn jeugd, kan ik stellen dat de corrigerende tik mij met de paplepel is ingeslagen. Als een paard beet, bokte of steigerde, dan gaf je het een tik met de zweep. Stond hij niet stil bij de dierenarts of de hoefsmid? Dan bood een goede vlakke altijd wel een oplossing. Stiekem heb ik ook weleens een paard een schop verkocht. Je hoeft niet toe te geven dat jij dat ook weleens hebt gedaan. Voor mij is het in ieder geval verleden tijd.

Afstraffen betekent dat je ongewenst gedrag in de toekomst probeert te voorkomen door het paard een vervelende stimulus te geven, nadat hij het ongewenste gedrag heeft laten zien. De meest gebruikte straf is de tik op de neus, wanneer hij je gebeten heeft.

In een eerdere column heb ik uitgelegd dat je paarden kan trainen door middel van negatieve bekrachtiging. Door druk met je teugels, zweep of been uit te oefenen vraag je een bepaalde reactie van je paard. Zodra hij het gewenste gedrag vertoont haal je de druk weg. Dit is de beloning. Met negatieve bekrachtiging train je IEDER gedrag dat je paard heeft laten zien, VOORDAT je de druk weg nam.

En daar zit precies het probleem van afstraffing. Vaak zorgt het straffen van een paard voor een heftige tegenreactie. Stel je paard doet iets wat jij niet wil en je straft het af door je paard een ferme tik met de zweep uit te delen. Het paard schrikt zich een hoedje en reageert op de zweep door een flinke bok te geven. Op datzelfde moment heb jij net de zweep weggehaald. Je beloont dus als het ware de bok door de druk van de zweep weg te halen! Je hebt nu je paard het verkeerde gedrag aangeleerd.

Bovendien wil je ook niet dat jouw paard jou of jouw hulpen, zoals bijvoorbeeld de zweep, met angst en pijn gaat associëren.

Door een paard te straffen vertel je hem wat hij niet moet doen. Je leert hem alleen niet wat hij wel moet doen. Een bijtend paard strekt vaak zijn hals naar je toe en een meer geoefende bijter doet hier vaak een stap in jouw richting bij. Zo’n geval moet je leren afstand van jou te houden. Op het moment dat hij bijt, of liever nog net daarvoor, laat je hem een stap achteruit doen. Je zegt hiermee niet alleen dat je niet wilt dat hij bijt, maar je zegt ook wat hij wel moet doen, namelijk afstand houden. Wanneer je dit paard enkel straft met een tik op de neus, dan zal hij slechts leren zijn neus sneller terug te trekken, wanneer hij heeft gebeten. Bijtende paarden reageren vaak slecht op stophulpen en hebben dus slechte remmen. Voor een meer houdbare oplossing moet je ervoor zorgen dat een bijter beter leert remmen, zowel aan de hand als onder het zadel. Hiermee bestrijd je niet alleen de symptomen, maar ook de oorzaak.

Ook hier in Australië is het af en toe erg verleidelijk om een flinke pets uit te delen. Een paard dat niet stilstaat tijdens het opzadelen zou je toch eigenlijk gewoon een dreun moeten kunnen geven? Dat doe ik dus niet. Ik bedenk me voortaan wat het paard eigenlijk aan het doen is. Niet stilstaan betekent dat zijn benen niet onder “stimulus control” staan. Hij weet gewoon niet zo goed wat hij met die vier lange stelten moet doen. Door middel van grondwerk op de plaats, stap ik het paard net zo lang naar voren en naar achteren, totdat hij alleen nog maar zijn benen beweegt als ik dat vraag. Wanneer ik hem opzadel en dus geen beweging van de benen vraag, moet hij netjes onder “stimulus control” stil blijven staan. Het zorgt er misschien wel voor dat het opzadelen iets meer tijd vergt dan normaal, maar op de lange termijn resulteert dit wel in een gehoorzamer paard.

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

Reacties zijn gesloten.